Minister van justitie Hirsch Balling lanceerde gisteren de campagne ‘Veilig Internetten‘ [sic!]. Het doel is de burger middels een campagne op de hoogte stellen van de gevaren van internetgebruik – met naïviteit van de burger als grootste gevaar. De overheid acht het dus zijn taak om de bevolking op risico’s te wijzen ten einde haar veiligheid te vergroten – een correcte taakopvatting.
Tijdstip en locatie zijn goed gekozen. Vakantie op de camping, waar de hardwerkende doch nu van zijn rust genietende burger vertoefd, al dan niet uitgebreid aangekondigd op blog of profiel. Bovendien toont het de burger dat de politiek zich – notabene in vakantietijd! – wel degelijk inspant voor zijn welzijn en veiligheid. Bij de lancering wordt, ten overstaan van de politiek gepersonifieerd door Hirsch Ballin, een toneelstukje opgevoerd met twee acteurs, als de personificatie van de naïeve bevolking.
Ergens op de ministeriële pr afdeling dacht iemand dat ‘t leuk zou zijn; de politiek die zich bij de lancering van een door haar geïnitieerde campagne opstelt als passieve toeschouwer; de bevolking die zich gereduceerd ziet tot speler in een politiek geregisseerd toneelstuk. En het blijft niet bij deze wanstaltige vertoning.
Het geheel van acteurs, politiek en entourage vormt tezamen een spektakelstuk, opgevoerd voor de ogen van de bevolking, gepersonifieerd door de aanwezige media. Wat ziet de burger dan uiteindelijk thuis voor de buis? Die ziet een minister geamuseerd kijken naar een toneelstuk waarin hijzelf de hoofdrol speelt – en niet de politiek, die kijkt toe.
Men zou verwachten dat, als de politiek een campagne lanceert ten behoeve van de burger, zij deze tekst en uitleg zou verschaffen. In plaats daarvan ziet de burger zich terug als onderwerp van vermaak – dom & naïef – lijdend voorwerp in een overheidscampagne.
Niet eerder is die beruchte kloof tussen overheid en burger zo stuitend in beeld gebracht. Zolang de overheid denkt over de burger als een onmondige, domme acteur in een politiek toneelstuk zal deze ook niet snel worden gedicht.


